Kan je meerdere konijnen samen huisvesten?
Kan je twee konijnen samen zetten?
Konijnen zijn echte gezelschapsdieren die van nature in groep leven. Het
is daarom sterk aan te raden om konijnen samen te houden met een soortgenoot. Een mens kan immers nooit een volwaardige vervanging bieden voor een ander konijn. Daarnaast heeft een konijn altijd voldoende ruimte nodig om vrij te kunnen bewegen.
Welke geslachten kan je samen zetten?
Bij het houden van twee konijnen, die al van op jonge leeftijd samenzitten, kan er vroeg of laat toch onenigheid (denk dan aan sproeien, vechten, achter elkaar jagen, opjagen...) ontstaan. Vaak is dit het gevolg van het doorbreken van de puberteit waardoor de dieren geslachtsrijp worden wat onrust kan veroorzaken. Deze puberteit kan bij konijnen reeds beginnen vanaf 3 à 4 maand leeftijd (kleine rassen) en 5 à 6 maand (grote rassen). Geslachtsrijpheid wil niet automatisch zeggen dat beide konijnen beginnen vechten met elkaar, maar spanningen kunnen wel ontstaan. Soms komt de onenigheid pas op latere leeftijd.
Naast het feit dat beide konijnen kunnen beginnen vechten met elkaar, is er ook het gevaar dat er ongewenste nakomelingen kunnen ontstaan als beide konijnen een verschillend geslacht hebben.
Toch is de beste match een mannelijk konijn met een vrouwelijk konijn, op voorwaarde dat beide gecastreerd/ gesteriliseerd worden. Vaak wordt gekozen om enkel het mannelijk konijn te castreren om nakomelingen te voorkomen.
Maar het is sterk aangeraden om ook het vrouwtje te steriliseren. Dit helpt niet alleen om schijndracht (nestgedrag en mogelijk agressie) te voor komen, maar beschermt ook tegen ernstige gezondheidsproblemen zoals baarmoederontsteking en baarmoederkanker. Bij sommige rassen krijgt een groot percentage van de vrouwtjes op latere leeftijd te maken met baarmoederkanker.
Je ziet dan dat ze rond de puberteit beginnen vechten. Ideaal gezien wacht je beter niet tot ze beginnen vechten, maar laat je beide konijnen (zowel beide mannelijke, als beide vrouwelijke) op voorhand castreren/steriliseren. Heb je toch twee konijnen van hetzelfde geslacht? Dan is het belangrijk om ze tijdig te laten castreren of steriliseren, bij voorkeur nog voor er problemen ontstaan.
Het ideale moment voor castratie van de rammelaar is zodra de testikels ingedaald zijn en is vaak ten vroegste vanaf de leeftijd van 4 maand. Het is aangeraden om de voedster te steriliseren op een leeftijd tussen 6 maand en 1 jaar. Ze wegen op moment van de ingreep bij voorkeur minstens 1 kg.
De gemakkelijkste combinatie blijft nog steeds een gecastreerd mannelijk konijn met een gesteriliseerd vrouwelijk konijn.
Je beide konijnen zijn gecastreerd/gesteriliseerd en toch vechten ze?
In sommige gevallen vechten konijnen nog ondanks castratie of sterilisatie. Dan is het belangrijk om hun leefomgeving goed te bekijken. Hierbij is het belangrijk ervoor te zorgen dat beide konijnen voldoende ruimte hebben. Denk hierbij aan een groot beloop, meerdere rustplekjes en meerdere drink- en eetvoorzieningen.
Vooral voldoende schuilmogelijkheden zijn essentieel, zodat konijnen elkaar kunnen vermijden wanneer er spanning is.
Wat met oudere konijnen?
Stel dat je een nieuw konijn bij jouw (ouder) konijn wil zetten, dan is het best om te kiezen uit leeftijdsgenoten. Een zeer jong konijntje plaatsen bij een ouder konijn, geeft dikwijls moeilijkheden. Er bestaan verschillende opvangcentra waaruit je een konijn kan kiezen met een gelijke leeftijd. Is dit nieuw konijn nog niet gecastreerd/gesteriliseerd, dan raden we je aan om dit eerst te doen. De opvang waar je een nieuw konijn vandaan haalt kan je goed advies geven over het koppelen van konijnen.
Zeker goed te onthouden:
Komen beide konijnen niet goed overeen en vechten ze soms/dikwijls? Laat ze het nooit uitvechten!
Haal de dieren uit elkaar en laat ze niet terug samen vooraleer bovenstaande maatregelen genomen zijn (castratie én ruimte). De bijtwondes kunnen voor konijnen verschrikkelijk veel leed bezorgen met de nodige dierenartsbezoeken. Je mag nooit vergeten dat konijnen kunnen vechten met de dood tot gevolg. Redeneer dus zeker niet dat “ze het wel zullen uitvechten”!
